|
Een e-mail sturen? Het e-mail adres is alex@denouden.demon.nl (klik op deze tekst om een voorgeadresseerde mail te openen) |
Terug naar de startpagina van Sport en Recreatie |
|---|
Er staat een standbeeld van Bep van Klaveren in Creeswijk, dat vind je HIER.
Hoe raakte deze eenvoudige Crooswijkse jongen in de bokswereld verzeild?
In de ring veert een licht in elkaar gedoken gestalte rond op snelle voeten. Hij heeft zijn armen bijna gestrekt langs het lichaam hangen, slechts even opwaarts gebogen. Hij kijkt haast gedesinteresseerd; af en toe bewegen zijn lippen. Hij staat zachtjes voor zich uit te vloeken. Zijn tegenstander draait rond hem, laat nu en dan een vuist uitschieten en kijkt verrast als hij niet zelden een gat in de lucht slaat en in dezelfde seconde een vinnige hoek tegen zijn flank voelt: Bep van Klaveren is weggeslipt en valt in dezelfde vloeiende beweging aan.
Zo speelde Bep van Klaveren als professional bijna 150 wedstrijden, waarvan hij er minder dan 20 verloor. Zijn glorietijd ving aan met het eerste kampioenschap (weltergewicht) in 1928 en zijn laatste wedstrijd speelde hij in 1955, 48 jaar oud. Die wedstrijd verloor hij overigens. Daarna resteerde de sigarenwinkel, waar hij een keurige boterham verdiende. Van al het geld dat hij met boksen vergaarde: "tonnen, meneertje!" was niks over. Maar de winkel loopt goed, hoewel, als je er over boksen begint, ben je vooreerst nog niet de deur uit. Want die sigaren, die interesseren Van Klaveren niet; "Meneer, 't is m'n lùst niet". Boksen wil hij, ook nu hij definitief uit de ring is.
Trainer en manager Theo Huizenaar, in een interview met H.J. Oolbekkink, in 1960:
Bep heeft zich heel zijn leven opgeofferd voor de bokssport en daarom heeft-ie zich van zijn particuliere leven daarnaast niks aangetrokken. Maar vergis je niet, hij is behoorlijk ontwikkeld, hij houdt van klassieke muziek. Als je een plaat opzet van Wagner of zo'n andere kerel, zal hij je onmiddelijk zeggen: "Dat is de symfonie van dit of dat". Hij heeft ook veel gelezen en weet alles van de natuur. Als je 'm naar de dierentuin brengt, zal hij je precies vertellen waar elk beest vandaan komt en hij weet nog precies welke raids hij in de oorlog met welke kapiteins, majoors, kolonels of noem maar op heeft gevlogen. Ze zeggen altijd wel, dat een bokser op leeftijd punchdrunk wordt, maf noemen wij dat, maar dat is bij Bep heel niet het geval. Alleen, hij doét niks met alles wat-ie weet, 't is en blijft altijd maar boksen, trainen en praten over boksen. Ik moet 's avonds vaak tegen em zeggen: "Bep, ga nou naar huis" want anders blijft-ie maar doorkletsen.
De boksers Bep van Klaveren en Arie van Vliet met hun manager Theo Huizenaar vertrekken naar Australië, 16 mei 1930
Dat interview van Oolbekkink met Huizenaar bevat veel mooie verhalen. We citeren er het volgende uit:
Bep heeft nooit om het geld gebokst. Hij keek er gewoon nooit naar. En daarom had-ie succes, want je krijgt wel geld door succes, maar geen succes door geld. Als ik met Bep afrekende, zei hij: "Heb jij nou wel genoeg genomen, Theo?" Ik zeg altijd: "Jonges, het gáát niet om dat geld, dat komt er maar bij" en Bep wou gewoon alleen maar boksen. Al had hij het tien keer achter mekaar voor niks moeten doen, dan had 'm dat niks kunnen schelen.
Bep had als beroepsbokser al gevochten in Engeland, België, Duitsland en Zuid-Afrika, dus ze kenden de "Rotterdamse wervelwind", die aanviel en doorging tot zijn tegenstander ademloos was. Zijn sterkste troeven waren een vrijwel onbegrensd uithoudingsvermogen en zijn flitsende hoeken. Het werd moeilijk om tegenstanders voor hem te krijgen in Europa. En dus wou Bep naar Amerika.
We hadden een contract met Lou Myers. We kwamen in de States aan en toen bleek, dat Myers de helft van de contracten had verkocht aan Patsy Zeuli en dat was zo'n gangster, hij had een speak-easy en smokkelde drank. We zijn daar rustig wat gaan acclimatiseren en bezochten een paar boksscholen. Toen Bep daar al die maf geslagen boksers zag, zei hij: "Lanewe asjeblieft naar huis gaan, Theo, da's niks voor mij". Ik zei: "Luister, Bep, ik heb twee kaartjes New-York naar Rotterdam in m'n zak - als 't ons niet bevalt, zijn we zo weg."
![]()
Bep van Klaveren wordt Kampioen van Nederland. Hier met uitdager Leen Sanders. In het midden Theo Huizenaar, in 1930
We gingen trainen in het gymnasium van Bill Duffey en dat was dan Publieke Vijand Numero Twee. We trainden volgens andere methodes dan die Amerikanen en toen Zeuli en Myers ons bezig zagen, dachten ze dat ze een kat in de zak gekocht hadden. Ze durfden Bep niet meteen te laten boksen, want ze zagen niks in 'm. Toen zijn we maar wat gaan sparren. Nou is ieder partijtje trainen daar een wedstrijd op zichzelf en op een zondagochtend zou Bep dan sparren met zo'n echte clubfighter, de welterkampioen van New York. Ik zei tegen Bep: "Myers en Zeuli geloven niet in ons, nou moeten we ze 's laten zien - in de eerste ronde blijf je verkennen en in de tweede ronde geef ik je 'n seintje". Ik geef dat seintje en Bep slaat die jongen een hoek voor z'n kiezen, dat-ie als een blok achterover slaat. Nou, toen waren Myers en Zeuli blij.
De volgende dag kreeg Bep zo'n lange maffeling als sparringpartner, zo eentje met van die afgezakte wenkbrauwen. Ik zei tegen Bep: "Die sla je met ene klap knock out en met de volgende klap maak je n'm weer wakker"- in de tweede ronde lag die vent met allebei z'n benen in de lucht, verscheidene minuten lang. En toen Bep zo'n paar keer twee sparringpartners achter mekaar knock out had geslagen, riepen Myers en Zeuli heel trots in dat gymnasium: "That's my Dutch Windmill" en ze noemden 'm ook "The Hammering Hollander", maar een wedstrijd kregen we nog niet.De boksers Bep van Klaveren, Huib Huizenaar en Arie van Vliet en hun manager Theo Huizenaar keren met roem overladen terug uit Engeland, in 1929
Dus Bep bokste elke dag bij Duffey voor vijf dollar tegen ieder, die hem maar ontmoeten wilde. Nou, vijf plus vijf plus vijf plus vijf werd een lange weg naar het Grote Geld en Bep liep toen de hele dag zo van: "Lanewe nou naar huis gaan, Theo, ik kan d'r niet tegen". Tegen niet serieus boksen, snap je. Die partijtjes waren geen uitdaging voor hem. En Bep moest daar de hele dag in een net pakkie lopen met een wit jassie, vanwege de business en dat was niks voor Bep, die jongen liep liever in z'n blote kont rond.
Ons Eerste Amerikaanse Avontuur eindigde kort daarna. We sliepen in een pension en op een avond werd op m'n deur geklopt. Ik dee open en daar stond Bep te huilen. Hij vroeg of hij bij mij mocht slapen en hij is huilend in m'n armen in slaap gevallen. De andere dag ben ik de terugreis gaan bespreken. Die jongen ging er echt aan onderdoor.
Net terug, dook Bep Rotterdam in en we waren net veertien dagen in Nederland terug, loop ik op de Blaak en kom Bep tegen. We maken een praatje en hij zegt: "Theo, ik ga terug naar de States. Ik wil boksen voor het Wereldkampioenschap en dat kan alleen daar". Ik denk nog, hij maakt een geintje, maar twee weken later stapte Bep op de boot.Kampioen Bep van Klaverem in training in de boksschool van zijn oom Nol Steenhorst, september 1935
Tijdens het Tweede Amerikaanse Avontuur stond Van Klaveren alleen. Hij miste de ruggesteun van Huizenaar. Zijn Amerikaanse manager, opnieuw Zeuli, was kroegbaas en dranksmokkelaar. Die zag kans, zijn "Dutch Windmill" duchtig te expoiteren. Wedstrijd na wedstrijd, die hij meestal op punten won, maar dat gebeurde in zo hoog tempo, dat zijn tegenstanders ademloos en met knikkende knieën de finish haalden. Tussen 1934 en 1936 bokste hij in de VS twintig grote wedstrijden, hij won er zestien van, verloor er twee en twee ontmoetingen eindigden onbeslist. Van Klaveren verdiende nu het Grote Geld, maar hij raakte er niet opgewonden van. Geld bleek iets waar je wel wat mee kon doen, maar succes kon je er niet mee kopen. En geen Wereldkampioenschap. Want er kwam alsmaar geen wedstrijd om het Wereldkampioenschap. Zeuli keek wel uit. Daar verdiende hij niet genoeg aan.
Als manager deugde Zeuli niet; hij ging failliet en Bep zag van z'n verdiende geld bitter weinig terug. Dus ging hij terug naar Rotterdam. Hij had voorlopig genoeg van de Onbegrensde Mogelijkheden waar de Verenigde Staten zich in specialiseren: hij vertrok, zonder wereldtitel. Huizenaar had weinig zin, de "gedeserteerde" bokser weer onder z'n vleugels te nemen:
Ik wilde 'm natuurlijk nooit meer zien. Ik dacht er niet aan, hij kon doodvallen. Maar eindelijk, dat was in zevenendertig, heb ik me omver laten praten. Ik heb in het café van Nol Steenhorst met Bep zitten praten. Hij heeft me vier uur lang zitten vertellen wat 'm allemaal in Amerika aan ellende was overkomen en hij zat te huilen - nou ja, toen was alles weer goed.
Ik heb 'm, nadat we ons verzoend hadden, weer in de watten gelegd en vertroeteld en opgepoetst en tenslotte met veel zorg een wedstrijdje voor hem uitgezocht, want na dat Amerikaanse avontuur was hij er heel bedonderd aan toe. Nou, Bep won van de Franse kampioen Charles Pernot en toen dacht-ie dat-ie er alweer was. Opeens ging hij bij een ander trainen. Dat werd een heel gedonderjaag en Bep verloor van de Duitser Gustav Eeder. Hij ging knock out. Voor de eerste maal in z'n leven. Hij is drie maanden niet in de ring geweest.Feyenoord stadion, 1938, Bep van Klaveren tegen de Fransman Tenet. Het gevecht werd op punten gewonnen door Van Klaveren
En toen kwam-ie weer terug bij mij. Twaalf maanden later was-ie middengewicht-kampioen-van-Europa en weer vier maanden daarna was-ie middengewicht-kampioen-van-Europa-áf. Hij werd, op punten, geklopt door de Griek Christoforidis (de latere wereldkampioen halfzwaargewicht).
Ach ja, dat gevecht tegen Christoforidis, een stomme daad van Bep. Hij had een keelontsteking en ik heb 'm gesmeekt zijn titel vacant te geven en die Griek in de zomer dan weer uit te dagen. Bep zei: "Ik denk d'r niet aan, hij moet me doodslaan, anders krijgt-ie die titel niet". Dat was een ongelukkige strijd, allebei z'n wenkbrauwen werden ook nog opengeslagen.Twee jaar lang bleef Van Klaveren proberen, een kampioenschap te heroveren. Hij was ten slotte pas eenendertig jaar. Maar toen kwam de mobilisatie, vertrok hij met de "Nieuw Amsterdam" naar de Verenigde Staten. Hij bokste daar, tot 1942, negentien wedstrijden, won er achttien en verloor er één door diskwalificatie wegens een kopstoot. Toen sloeg Van Klaveren (tijdelijk) een andere richting in. Hij nam dienst bij de luchtmacht, werd sportinstructeur en sergeant-vlieger, kwam terecht in Canada, Indië en Australië, trouwde daar, keerde in 1947 met zijn Australische echtgenote naar Nederland terug - en maakte een opvallende come-back. Hij versloeg Luc van Dam, was een maandlang middengewicht-kampioen van Nederland en verloor die titel weer aan Luc van Dam. Van Klaveren vertrok naar Australië en dook vijf jaar later plotseling weer op in Nederland.
Huizenaar was opnieuw de pineut:
Toen Bep van de boot stapte, zei-ie: "Ik schiet je dood als je geen wedstrijd voor me organiseert". Dus organiseerde ik een wedstrijd voor hem en nog één en nog één en opeens stond Bep (in 1955) tegenover de Fransman Idrissa Dione om te proberen zijn derde Europese titel binnen te halen. Nou, hij verloor na vijftien ronden uiterst eervol op punten. Dat was 'm niet genoeg en daarom nam-ie, vier maanden later, definitief afscheid van de boksring. Met een wedstrijd, die hij tamelijk smadelijk verloor. Ja, dat was wel jammer.
Terug naar de top